Magisch realisme (vervolg op het vervolg)

Wat zoek ik dan eigenlijk in het magisch realisme? Aangezien 3 van de 5 boeken me tot nu toe vies tegenvielen. Zie vorige artikel Magisch realisme (vervolg).

Als ik aan magisch realisme denk, dan denk ik automatisch aan The Satanic Verses van Salman Rushdie en aan The Wind-up Bird Chronicle van Haruki Murakami, wat twee van mijn favoriete boeken zijn.

In die boeken gebeuren overduidelijk dingen die niet kunnen, maar als volkomen normaal worden gezien. Vol-ko-men normaal. Misschien dat de andere boeken die ik tot nu toe heb gelezen, voor mij te subtiel waren.

Oud magisch realisme

Misschien hoort dat subtiele wel bij het oud magisch realisme. Daarvoor waren het vooral realistische verhalen die geschreven werden, waardoor een helderziende of iets dergelijks als complete nonsens werd gezien. Dus als er dan een helderziende wordt geïntroduceerd, die ook daadwerkelijk helderziend is, dan kan dat al best gewaagd zijn.

Voortborduren

En misschien dat een Rushdie of een Murakami hierop verder hebben geborduurd door het verschil tussen het realistische en het magische nog verder te vergroten.

En het zou goed kunnen zijn dat ik daar dan voor gevallen ben. Alleen welke boeken vallen dan onder het magisch realisme in de trant van Rushdie en Murakami?

Magisch realisme (vervolg)

Het valt me tot nog toe erg tegen, dat magisch realisme.

Ik heb gelezen:

  • Tahar Ben Jelloun – Zoon van haar vader
  • Hubert Lampo – De komst van Joachim Stiller
  • Abdelkader Benali – De langverwachte
  • Vladimir Nabokov – Uitnodiging voor een onthoofding
  • Isabel Allende – Het huis met de geesten

En nu ben ik begonnen in A House for Mr Biswas van V.S. Naipaul.

Niet uitgelezen

Ik moet wel eerlijk melden dat ik Benali en Allende niet uitgelezen heb. Het boek van Benali vond ik ongelooflijk saai. Ik ben tot pagina 117 gekomen en toen heb ik het opgegeven. Dat wat dit moet magisch realisme moet maken is het volgende: een ongeboren kind vertelt over de familie waarin hij terecht zal komen.

Dat klinkt op zich wel interessant, ware het niet dat dit kind verder niet deelneemt aan het verhaal, omdat hij dus nog niet geboren is. Daardoor lijkt het in de praktijk gewoon op een alwetende verteller. En ja, die komt toevallig dan later wel in het verhaal en ja, het is een kind die niet geboren is. Maar dat was tot nog toe het enige magisch realistische aan dit verhaal. Haal je dat weg, dan blijft er beschrijving van een familie over en nog niet eens een heel boeiende beschrijving van een familie.

Allende

Ook Het huis met de geesten heb ik niet uitgelezen. Ik ben tot pagina 175 gekomen, dus dat is wel wat verder dan het boek van Benali. Ik ben gestopt omdat het allemaal prima geschreven was, waardoor ik wel doorlas, maar omdat de personages zo saai en afstandelijk worden beschreven had ik niet de behoefte om het weer op te pakken nadat ik het had weggelegd (omdat ik bijvoorbeeld moest slapen). Niks greep me echt. Het voelde alsof het nonchalant, in vogelvlucht wordt verteld.

Het boek klinkt ook veel spannender dan dat het is. Het is, eigenlijk net als het boek van Benali, een beschrijving van een familie, maar dan van drie generaties. Dat wat het boek magisch realistisch maakt viel me ook tegen, namelijk dat er een lijn van helderzienden in de familie is. Als ik het zo opschrijf, klinkt het wel gaaf. Maar door die afstand tussen de lezer en de personages, kon ik niks voor de personages voelen.

Zoon van haar vader

Wederom een spannende titel. Het gaat over een islamitisch gezin, een vader van zeven dochters, die het zat is dat hij alleen maar dochters krijgt, want dat zegt (uiteraard) iets over zijn mannelijkheid. Dus hij besluit dat zijn achtste kind, koste wat kost, een zoon wordt. Er wordt natuurlijk een meisje geboren, maar hij voedt het op als jongen.

Ik heb het boek vooral uitgelezen omdat het niet zo lang is en omdat ik meer verhalen wil lezen over islamitische gezinnen. Maar ik vond het behoorlijk tegenvallen, vooral omdat de vertelstijl zo vreemd is.

Er is gekozen om het verhaal te vertellen door de verteller aanwezig te laten zijn in het verhaal. Het is iemand op een plein die het verhaal verteld aan zijn toevallige luisteraars. Blijkbaar heeft de verteller een dagboek gevonden en daar vertelt hij uit. Hij vertelt alleen niet aan één stuk door, maar in stukjes, waarbij elk hoofdstuk eerst weer begint met een inleidinkje van de verteller. En dat vond ik zeer storend. Zo werd ik telkens uit het verhaal gehaald.

En je zou dan kunnen zeggen: is dat juist niet heel postmodern? Heel meta? Heel gaaf gedaan?

Waarop ik dan zou zeggen: nee. Want het blijft heel irritant. En als dan de verteller tegen het eind verdwijnt en een drietal luisteraars bij elkaar komt om het einde te bedenken, waarbij ieder zijn eigen einde ook daadwerkelijk vertelt, dan wordt het al helemaal storend. Alsof je als schrijver niet je eigen einde kan bedenken.

En ja ja, ik ben dan weer kort door de bocht en er zit vast een of andere gedachte achter van de schrijver, maar als lezer was het geen boeiende ervaring.

En wat was hier magisch realistisch aan? Dat heb ik niet kunnen duiden. Misschien moet ik eens kritisch naar de lijst van magisch realistische boeken kijken waar ik naar heb gekeken.

Nog twee boeken…

… die ik dan moet behandelen. De komst van Joachim Stiller en Uitnodiging voor een onthoofding.

De komst van Joachim Stiller vond ik wel leuk om te lezen. Het werkte wel goed dat het om die soort van onbekende Joachim Stiller gaat en dat het hoofdpersonage daarnaar op zoek is. Het hield wel abrupt op en het had wat mij betreft iets magischer gemogen.

Uitnodiging voor een onthoofding vond ik ook wel leuk om te lezen en vond ik heel erg Kafkaiaans. Het gaat over iemand die in de gevangenis zit en weet dat hij onthoofd gaat worden, maar de precieze dag waarop dit zal gebeuren is hem niet duidelijk en daar wacht hij op. Er gebeuren allerlei vreemde dingen, bijvoorbeeld zijn hele gezin die op bezoek komt en de hele inboedel heeft meegenomen om de plek aan te kleden zo lang zij daar zijn. Of het spinnetje ergens in een hoek van de cel die ook gevoed wordt door de wachter.

Magisch realisme

Sinds kort ben ik weer in het magisch realisme gedoken en uiteraard heb ik alweer een flinke stapel boeken verzameld die ik wil gaan lezen.

Een stapel magisch realisme

Zoals ik het nu begrijp is magisch realisme, in de literatuur, een genre waarbij een realistisch beeld wordt gegeven van de wereld, waarbij tegelijkertijd magische elementen zijn die echter niet als magisch gezien worden. Bij magisch realisme wordt er vaak ook een punt gemaakt over de realiteit, een statement over iets, zoals de politiek, immigratie of andere systemen en onderwerpen.

Eén van mijn favoriete boeken is The Satanic Verses van Salman Rushie (naar het Nederlands vertaald als De duivelsverzen). Het is alweer een tijd geleden dat ik het heb gelezen, maar alleen het begin is al heel interessant. De twee hoofdpersonen vallen namelijk uit een vliegtuig dat gekaapt was en explodeert, maar ze overleven de val. Echter wordt de een soort engel en de ander groeit hoorns en hoeven en wordt een soort duivel.

Het is echt een fantastisch boek en ik kan het bijna iedereen aanraden.

Origine

Op de Engelstalige Wikipedia las ik over magisch realisme en dat het oorspronkelijk uit Latijns Amerika komt en dat dat kwam omdat schrijvers veel reisden tussen hun thuisland en Europese cultuursteden als Parijs en Berlijn. Nadat het boek Nach Expressionismus: Magischer Realismus: Probleme der neuesten europäischen Malerei van Franz Roh in het Spaans was vertaald in 1929 brak het magisch realisme in Latijns Amerika helemaal los, met vooraan José Ortega y Gasset. Jorge Luis Borges hielp ook andere schrijvers te inspireren en enthousiasmeren.

Franz Roh – realsimo mágico: post expresionismo

Tussen 1940 en 1950 bereikte magisch realisme in Latijns Amerika zijn piek, staat er op de webpagina, met als voorbeeld het boek The Kingdom of This World van Alejo Carpentier uit 1949 en een van de grootste voorbeelden Honderd jaar eenzaamheid van Gabriel García Marquez uit 1967.

Dus eigenlijk een nakomertje, wat betreft de piek tussen 1940 en 1950.

Kritiek

O jee, kritiek was er ook op het idee dat magisch realisme uit Latijns Amerika komt. Er werd namelijk tegenover gezet dat de term ‘magisch realisme’ voor het eerst werd gebruikt door de criticus Franz Roh in 1927, na de publicatie van Franz Kafka’s De metamorfose in 1915. En ruim daarvoor, in 1835, was er de Russische auteur Nikolai Gogol met het verhaal The Nose. Beide auteurs zitten ruim voor de publicatie van Latijn Amerikaanse publicaties.

Eerlijk gezegd vind ik het vreemd dat hier moeilijk over gedaan wordt. Het lijkt mij vrij simpel. Magisch realisme ontstond in Europa, met name Duitsland en Rusland. Dankzij de vertaling van het boek van Franz Roh naar het Spaans is dit ‘overgewaaid’ naar Latijns Amerika en vervolgens heeft het daar schrijvers beïnvloed. Zij zijn daar vervolgens ‘mee aan de haal gegaan’. Dat klinkt negatief, maar ik bedoel ermee dat zij er hun eigen stempel op hebben gedrukt.

Er werd namelijk ook nog weer onderscheid gemaakt in de verschillende soorten magisch realisme. In een artikel van Guatemalaans auteur William Spindler onderscheidde hij drie soorten:

  1. het Europese ‘metafysische’ magisch realisme, over vervreemding en het griezelige, zoals Kafka’s fictie;
  2. het ‘ontologische’ magisch realisme, gekarakteriseerd door onverklaarbare dingen heel feitelijk op te schrijven, en;
  3. het ‘antropologische’ magisch realisme, waarbij een inheems wereldbeeld naast een rationeel westers wereldbeeld wordt gezet.

Ten eerste moet ik mijzelf er altijd aan herinneren wat die drie woorden betekenen, dus hier nogmaals:

  1. metafysica = leer van het bovenzinnelijke, bovennatuurlijk, (nog) niet met de gangbare wetenschap te verklaren;
  2. ontologie = leer van de werkelijkheid, zijnsleer;
  3. antropologie = leer van de mens, kennis van de natuur en de mens.

Dat laatste vind ik een heel vreemd onderscheid. Of eigenlijk, de eerste en laatste vind ik een vreemd onderscheid, omdat hij onderscheid maakt op plek in plaats van tekst. Er is op de Wikipedia-pagina ook wel te lezen dat hier kritiek op was (gelukkig).

Ik vind het jammer dat Spindler de plaats erbij haalt, want het onderscheid zelf in magisch realisme vind ik wel interessant. En het is jammer dat er maar één voorbeeld bij staat, Kafka. Waar te beginnen?

Tweede punt, ontologie

Het ontologische magisch realisme vind ik eerder een onderdeel van het magisch realisme als geheel. Dat is nou net het punt: dat je een realistisch beeld neerzet waarbij iets vreemds, of magisch, gebeurt waarover heel normaal wordt gedaan.

De leer van de werkelijkheid hoort niet op te gaan voor magisch realisme, want wanneer je als schrijver het magische gaat uitleggen dat hoort bij de werkelijkheid kom je of in science fiction terecht of in fantasy. Neem bijvoorbeeld het boek van Aldous Huxley A Brave New World, waarbij Huxley, in mijn optiek tot in den treuren, uitlegt hoe het maken van mensen in elkaar zit, hoe de wereld werkt, hoe iedereen vliegt in helikopters. Of bijvoorbeeld de serie Harry Potter van J.K. Rowling, waarbij het zelfs draait om de school waar wordt uitgelegd hoe de magie werkt en in elkaar zit.

Wanneer je in magisch realisme “het wezen onderzoekt dat achter de waargenomen werkelijkheid schuilgaat”*, dan begeef je je eigenlijk al in een ander genre dan magisch realisme. Het zal nooit in die zin de werkelijkheid bevragen, want dan ga je al snel de magie benoemen die juist feitelijk opgeschreven dient te worden.

*Van Wikipedia: https://nl.wikipedia.org/wiki/Ontologie_(filosofie)

Eerste punt, metafysica

Het metafysische magisch realisme vind ik haast de keerzijde van dezelfde munt als het ontologische magisch realisme. De leer van het bovennatuurlijke tegenover de leer van de werkelijkheid.

Wanneer je het magische van het magisch realisme gaat onderzoeken en beschrijven, dan ben je wederom bezig met het benoemen van juist datgene wat als normaal gezien moet worden in de wereld van het magisch realistisch verhaal.

Derde punt, antropologie

De leer van de mens. En dat vind ik wel van toepassing op het magisch realisme, alleen totaal niet zo als dat Spindler het heeft beschreven. Je zou namelijk elk wereldbeeld tegenover een ander wereldbeeld kunnen zetten. Niet alleen inheems tegenover westers. Ten eerste natuurlijk een zeer oubollige term. En ten tweede zijn westerse mensen ook inheems. Maar dat is ook het punt dat ik wil maken, namelijk dat het juist interessant is om een wereldbeeld tegenover je eigen wereldbeeld te zetten. Of het beeld van het verhaal tegenover de realiteit. Of dat nou gaat om wat er zich afspeelt in Europa, Azië, Afrika, Noord- of Zuid-Amerika of Oceanië. Dat ligt er maar net aan waar je als schrijver in geïnteresseerd bent.

Het onderscheid

Maar ja, wat houd je dan nog over aan onderscheid van het magisch realisme? Eigenlijk alleen het antropologische magisch realisme en als er eentje is, is het niet echt een onderscheid te noemen.

“We kunnen magisch realisme onderscheiden in één soort: antropologisch.”

Dat klinkt niet erg intelligent of interessant en we hebben er niks aan.

Meer antropologie

Laat ik voorop stellen dat ik geen filosoof ben of hiervoor heb geleerd, maar in mijn onderzoek kwam ik erachter dat de ontologie eigenlijk een onderdeel is van de metafysica, terwijl antropologie hier los van staat. Daarom denk ik dat het veel interessanter wordt als we proberen het magisch realisme te onderscheiden op basis van de antropologie en de deelgebieden daarvan. Dat zijn namelijk:

  1. biologische antropologie: bestudeert de mens als biologisch organisme, het gedrag van primaten, paleontologie en de bevolkingsgenetica;
  2. linguïstische antropologie: bestudeert de taal door tijd en ruimte en de relatie tussen taal en cultuur;
  3. archeologie: bestudeert de materiële overblijfselen van menselijke samenlevingen, en;
  4. sociale antropologie: bestudeert het sociale gedrag, de economische structuur en de ideologie (ook religie) van volken en bevolkingsgroepen.

Bijna alle verhalen gaan denk ik wel over het sociale gedrag tussen mensen en valt dus onder sociale antropologie, maar ik denk wel dat op deze manier een interessanter onderscheid valt te maken.

Biologische antropologie

Bijvoorbeeld Kafka’s Metamorfose valt hier denk ik onder. Omdat K. plotseling een kever is, zien we hem meer als een biologisch organisme. Het menselijke valt er vanaf en wat blijft er dan nog over?

Dit gebeurt, misschien in mindere mate, ook in The Satanic Verses van Rushdie, waarbij een van de hoofdpersonages een duivel wordt, met hoeven en hoorns en meer haar. Wanneer personages dierlijker worden, kunnen we als lezer misschien meer afstand nemen en de mens zien als ook een dier dat een plaats inneemt op aarde. En wat gebeurt er dan?

Linguïstische antropologie

Doordat dit o.a. de relatie tussen taal en cultuur onderzoekt, vallen denk ik verhalen over bijvoorbeeld immigratie hieronder, zoals The Satanic Verses, maar ook A House for Mr Biswas van V.S. Naipaul. Wat gebeurt er wanneer een Indisch personage in Engeland probeert te komen en te wonen? Wordt dat geaccepteerd, hoe gaat de bureaucratie en omwonenden ermee om?

Archeologie

Hier vallen de verhalen van Borges onder. Het lijkt soms alsof hij daadwerkelijk heeft gegraven en een nieuwe wereld heeft ontdekt, zoals het verhaal van de bibliotheek. Door een toekomstig of beeld uit een ver verleden neer te zetten, kunnen we het vergelijken met de realiteit waarin we leven en er eventueel lering uit halen.

Sociale antropologie

Hier vallen nagenoeg alle verhalen wel onder, omdat nagenoeg elk verhaal over mensen gaat en de relatie tussen mensen. Maar een uitzonderlijk goed voorbeeld in sociaal gedrag tussen bevolkingsgroepen is Beloved van Toni Morrison. Het gaat eigenlijk ook over de economische structuur van Amerika, wat betreft de slavernij en de plantages.

Samenvattend

Als ik dit zou moeten samenvatten en moet zeggen dat magisch realisme eigenlijk te onderscheiden is in vier onderdelen, dan zijn dat:

  1. Biologisch magisch realisme: waarbij het gaat over de vraag, wie/wat is de mens?
  2. Linguïstisch magisch realisme: waarbij het gaat over de vraag, wat gebeurt er wanneer twee culturen of taalgebieden elkaar treffen?
  3. Archeologisch magisch realisme: waarbij het gaat over de vraag, hoe ziet/zag de wereld eruit?
  4. Sociaal magisch realisme: waarbij het gaat over de vraag, hoe gaan mensen met elkaar om?